Deel op:

‘Die waardering is voor mijn moeder heel belangrijk’

Op een drafje door de gang, elke woensdag zingen met het koor en een eetclubje samen met drie vriendinnen. De moeder van Karin Christopher-Venhuis is al in de 80, maar dat zou je niet zeggen. Ook nu ze in Het Greidenhuis in Heerenveen woont, blijft ze ontzettend actief.

“Soms moet ik echt tegen haar zeggen dat ze gewoon rustig door de gang moet lopen, niet rennen. Straks valt ze nog”,  vertelt Karin met een glimlach. “Mijn moeder strijkt de overhemden van de heren hier in huis. En de koksbuis van kok Harold. Als hij haar daar tijdens de maaltijd een compliment over geeft, leeft ze helemaal op. Dat is voor haar heel belangrijk, die waardering. Zo af en toe zegt ze ineens: volgens mij zijn ze hier wel blij met mij, vinden ze me wel aardig. Dan zeg ik: tuurlijk mam, ze vínden je ook heel aardig, en behulpzaam. Dat is ook echt zo, als ik zeg dat ik haar dochter ben, krijg ik altijd de reactie dat ze mijn moeder zo’n lieve vrouw vinden. Ik vind het fijn dat de medewerkers hier echt oog voor haar hebben, dat ze ook die arm om haar heen krijgt als ze het nodig heeft. Ze kan soms toch best een beetje onzeker zijn.”

Een bewoner met dementie aan het strijken in Het Greidenhuis, kleinschalige woonzorglocatie in Heerenveen, Friesland

“Mag ik hier echt blijven wonen?”

Zeker toen ze nog maar net in Het Greidenhuis woonde, kon haar moeder zich nog weleens druk maken. “’Mag ik hier echt blijven wonen?’ vroeg ze dan. ‘En hoe wordt dat betaald? Kan ik dat wel betalen?’ Ik heb uiteindelijk een briefje op haar studio opgehangen. Dat dit echt haar huis is en dat ik ervoor zorg dat alles betaald wordt. Sindsdien gaat het beter.” Zelf woont Karin om de hoek, direct achter het huis waar haar moeder voor haar verhuizing naar Dagelijks Leven woonde. “We zagen elkaar elke dag. Nadat ze van de trap was gevallen en van alles had gekneusd, ging het in een keer hard met haar Alzheimer. Ik sliep een tijdlang zelfs bij mijn moeder in huis om haar te helpen en om ervoor te zorgen dat ze wel at en dronk.”

Het was als dochter niet makkelijk om die achteruitgang te zien, vertelt Karin. Het moeilijkste vond, en vindt ze nog altijd het meepraten met wat haar moeder zegt, ook al klopt het niet. “Zij heeft mij juist altijd opgevoed met het idee van ‘eerlijkheid duurt het langst’. En dan moet je opeens in alles meegaan wat zij zegt, haar naar de mond praten, terwijl het helemaal niet klopt. Liegen tegen je moeder, eigenlijk. Zo heeft ze een heel verhaal dat ze altijd in geuren en kleuren vertelt, over dat zij in de krant had gelezen dat ze Het Greidenhuis hier gingen bouwen, en dat ze toen gebeld heeft omdat het haar wel een mooie plek leek om te wonen. Terwijl ik haar een Facebookpost over de bouw had laten zien en in overleg met haar alles geregeld heb. Zelf wilde ze soms opeens niet meer. ‘Jullie stoppen me weg’, zei ze dan. In het begin ging ik er nog weleens tegenin als ze het weer vertelde. Nu denk ik ach, het maakt ook niet uit.”

Een bewoonster met dementie drinkt samen met haar dochter een biertje in haar studio in Het Greidenhuis in Heerenveen. Dit is een kleinschalige woonzorglocatie in Friesland.

Samen een biertje drinken

Want inmiddels voelen zowel moeder als dochter zich helemaal thuis in Het Greidenhuis. “Er hangt gewoon een fijne energie en de medewerkers, dat zijn hele zorgzame, leuke mensen”, zegt Karin. “Ik voel me echt deel van de familie en kom graag langs. Sowieso twee keer per week na mijn werk. Dan drinken mijn moeder en ik samen een biertje. Zij standaard een Texelse Skuumkoppe, daar is ze dol op. Of ik haal haar op voor een wandeling met de honden.”

Het is heel mooi om te zien hoeveel aandacht er voor haar moeder is, vervolgt Karin. “Zoals afgelopen kerst, toen er tijdens het diner voor elke bewoner een door een vrijwilliger gehaakt engeltje naast het bord stond. En ze doen heel veel: lekker naar buiten, creatief aan de slag. Hoewel mijn moeder ook wel heel graag gewoon op haar studio een woordzoeker maakt of wat leest. Zingen doet ze ook, ze zit nog bij het koor, daar repeteert ze op woensdag mee. En ze heeft een eetclubje met drie vriendinnen, elke maand eten ze bij een van hen. Als het straks weer kan, willen ze ook hier in de activiteitenruimte een keer de tafel voor hen dekken. Dan gaat Harold iets voor ze koken. Dát soort dingen, dat is toch mooi, dat het kan?”